Categorie archief: Beesd

Beesd in de Beeldbank van het NIMH

Als je zoekt op “Beesd” binnen de fotocollectie van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH) vind je maar één foto, maar wel een fraaie. Te zien is een “commandant met geëmployeerden van het detachement Landweer Infanterie (LWI) te Beesd”, allen op de fiets.

Het NIMH geeft bij deze foto de volgende informatie:

Zie ook:

Acquoy in de Beeldbank van het NIMH
Asperen in de Beeldbank van het NIMH
Buurmalsen in de Beeldbank van het NIMH
Geldermalsen in de Beeldbank van het NIMH
Gellicum in de Beeldbank van het NIMH
Herwijnen in de Beeldbank van het NIMH
Vuren in de Beeldbank van het NIMH
Waardenburg in de Beeldbank van het NIMH

Terugblikken augustus: Kinderen op de foto in het archief

FK1564Deze twee foto’s komen uit de collectie van het Regionaal Archief Rivierenland en zijn waarschijnlijk in of rond 1983 voor de krant gemaakt. Dit keer staan er vooral kinderen op. Op de eerste foto, gemaakt op het Marktplein in Geldermalsen, kregen we veel enthousiaste reacties, van mensen die zichzelf of bekenden of familie herkenden. Het waren leerlingen van twee scholen, waaronder de Jan Harmenshof in Geldermalsen. Zij mochten 4 platanen planten ter afsluiting van de herinrichting van de markt, onder toeziend oog van burgemeester Baris. De grootste jongen midden op foto vooraan met de schop is Cees Veldhuizen. De jongen op de fiets is Mohamed Chaiba. De 2e jongen van links is Jurriaan van de Vreede. Ook (waarschijnlijk) herkend: Martin Jacobs, Roel Huijbers, Martijn van Eldik, Petra Jungblut , Michiel Visser. De meiden staan wat meer achteraan: Carina Riezebos, Ellen Korving-Kajim, Nanda Roep, Margreet van Stuijvenberg. Op Facebook bleek overigens dat veel van de gefotografeerden zich niets van deze bijeenkomst herinneren. Achteraan werd een moeder herkend, Truus Huijbers-Simons . Bedankt voor de vele reacties!

Op de andere foto was een modeshow in Beesd te zien, hier kwamen helaas geen reacties op binnen.

FK1566

Molen de Vrijheid

Sinds 2010 draait molen De Vrijheid aan de Molendijk in Beesd weer regelmatig en wordt er nu, maar zeker voor in de toekomst, volop biologisch meel gemalen. Elke zaterdag vanaf 10.00 uur opent molenaar Cees de Jong de deuren voor bezoekers die een kijkje willen nemen in de molen of een bezoekje komen brengen aan de winkel met een groot assortiment meelproducten speciaal voor pannenkoeken, cake, brood, taart en allerlei andere lekkere mogelijkheden. Verder heeft de molenwinkel ook een groot assortiment ambachtelijke streekproducten.

Molen_VrijheidBeesd_TonKorevaar
Foto: Ton Koorevaar, Molendatabase

De molen is eigendom van Heerlijkheid Mariënwaerdt en is altijd goed en vakkundig bijgehouden door de familie Van Beekhuizen. Sinds 2011 is de molen in beheer van molenaar Cees de Jong. Cees volgde de driejarige opleiding tot molenaar en oefent het molenaarsvak uit als hobby. Naast de molen in Beesd is ook molen ‘De Prins van Oranje’ in Buren in zijn beheer. “Beide molens zijn heel verschillend van elkaar, maar allebei zijn ze prachtig. Molens hebben altijd al mijn interesse gehad”, vertelt hij. “Daarnaast vind ik goede voeding heel belangrijk. Deze twee passies komen mooi samen in deze korenmolens. Ik wil mijn enthousiasme voor molens en mijn passie voor goed en eerlijk eten graag overbrengen op andere mensen.” Cees organiseert regelmatig activiteiten in en rondom molen ‘De Vrijheid voor schoolklassen en groepsuitjes, maar stelt de molen ook open tijdens Open Monumentendag, de Molendagen en bijvoorbeeld de avondvierdaagse van Beesd.
Daarnaast heeft de molen een belangrijke sociale functie in Beesd. Veel dorpelingen komen langs om een praatje te maken met de molenaar of met elkaar. “Als de molen draait, is hij open voor bezoekers. Het is hier dan net de zoete inval. Iedereen is welkom en ik heb altijd koffie en thee klaar staan.” Ook voor het ruime assortiment biologische molenproducten en streekproducten weten mensen de molen te vinden. Cees vertelt: “Sinds kort heb ik ook een webwinkel, zodat de producten vanuit het hele land te bestellen zijn. Handig voor mensen die niet in de buurt wonen , maar wel graag eens van onze producten willen genieten.”
Dit jaar is molen De Vrijheid ook vertegenwoordigd op de Landgoedfair van Landgoed Heerlijkheid Mariënwaerdt. Welke producten hij precies meeneemt, vertelt Cees nog niet. “Ik wil de mensen graag verrassen met bijzondere producten!”
Kijk voor meer informatie op de website van de molen.

Dit artikel is geschreven door Willemieke Steen en is eerder verschenen in Nieuwsblad Geldermalsen op 3 augustus 2016.

Pand Betuwe

Waar ooit een fourniturenbedrijf was gevestigd aan de pittoreske Voorstraat in Beesd, worden nu de beste ideeën bedacht en plannen uitgewerkt. Vergaderlocatie en kantoor-voor-een-dag Pand Betuwe opende er dit jaar haar deuren.

PandBetuwe
Foto: website Pandbetuwe.nl

Achter de Jugendstill-achtige gevel van Voorstraat 56, gaat een karakteristiek pand schuil. Sinds dit jaar zijn de verschillende vergader- en brainstormruimtes te huur. Eigenaresse Petra van der Perk heeft bij het inrichten van Pand Betuwe op smaakvolle wijze authentieke details als glas-in-lood-ramen, stenen muren en zolderbalken gecombineerd met een strakke en frisse Scandinavische uitstraling: “Ik wil dat iedereen zich hier op zijn gemak voelt en prettig kan werken. Zowel bedrijven die komen om te vergaderen, als mensen die een kantoor voor een dag willen huren.”
Van der Perk exploiteert Pand Betuwe samen met Sylvia Baars. Op Open Monumentendag openen zij de deuren van zowel Pand Betuwe als vergaderlocatie en kookstudio Het Nut, dat een paar panden verderop in de straat ligt. “We zijn trots op ons bedrijf en willen dit graag delen. We zouden het ook heel leuk vinden als mensen ons meer kunnen vertellen over de geschiedenis van Pand Betuwe.”
Kijk voor meer informatie op de website van pand Betuwe.

Dit artikel is eerder verschenen in Nieuwsblad Geldermalsen op 10 juli 2016.

Het Nut in Beesd

In Het Nut in Beesd smelten verleden en heden samen tot een inspirerende plek. Ooit was hier een filiaal van de Nutsbank gevestigd. Tegenwoordig is Het Nut een locatie voor meetings, events en kookworkshops. Modern, maar met gevoel voor historie.

Op de gevel van Het Nut aan Voorstraat 42 in Beesd prijken de jaartallen 1862 en 1887. In 1862 werd hier door de landelijke vereniging Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen de Nutsbank opgericht. In 1887 werd de Nutsbank verbouwd tot Bewaarschool. Sinds een aantal jaar is Het Nut een evenementen- en vergaderlocatie met eigen kookstudio. Eigenaar Petra van der Perk exploiteert de locatie samen met Sylvia Baars: ,,Het Nut is een bruisende plek waar mensen samen komen voor onder andere vergaderingen, brainstorms en presentaties. Het pand is gerenoveerd met respect voor historie. Zo heeft de oude bankkluis een plek in het interieur. Opvallend is de gevelversiering van het pand, met de goudkleurige bladeren en bal. Ik zou graag in contact komen met iemand die ons meer zou kunnen vertellen over de betekenis van deze symbolen.” Wie een kijkje wil nemen in Het Nut, is van harte welkom tijdens Open Monumentendag. Voor die dag opent voor de deur een terras waar bezoekers een gratis kopje koffie, appelsap van eigen oogst en iets lekkers krijgen aangeboden.

Dit artikel is eerder verschenen in Nieuwsblad Geldermalsen.

Monumentaal

De gemeente Geldermalsen is rijk aan monumenten. Molens, kerken, boerderijen en woningen, maar ook schuren, stallen en pompen. De gemeente heeft 136 inschrijvingen in het rijksmonumentenregister. Hierbij spant Beesd de kroon, met maar liefst 56 monumenten. Op 10 en 11 september 2016 is het de landelijke Open Monumentendag. Het thema is dit jaar Iconen en Symbolen. Op zaterdag 10 september zijn in de gemeente diverse monumenten geopend en er is een fietsroute. Kijk hier voor het programma.
In samenwerking met het Nieuwsblad Geldermalsen en de gemeente Geldermalsen besteedt deze site aandacht aan de monumenten in onze gemeente, en aan de eigenaren, bewoners en gebruikers hiervan. Heeft u ook mooie monumentale verhalen? Laat het ons weten, liefst met foto’s erbij.

 

Een ‘wandeling’ van Geldermalsen naar Leerdam: wandel-, fiets- of autoroute anno nu

Fietsroute langs de Linge

Volg met de onderstaande route zélf de wandeling uit het artikel Een ‘wandeling’ van Geldermalsen naar Leerdam – in 1884. Deel 1: Geldermalsen, Deil, Mariënwaard, Beest en Een ‘wandeling’ van Geldermalsen naar Leerdam – in 1884. Deel 2: Rumpt, Renooi, Ackooi, Asperen, Leerdam op de fiets of de auto.

Fietsknooppunten

De route is gebaseerd op de fietsknooppunten. Dit zijn de vetgedrukte cijfers. Kijk ook op: www.falk.nl of bij de fietsroutes van de ANWB

Hoe werkt dat? Knooppuntroutes, oftewel fietsroutenetwerken, bestaan uit een groot aantal genummerde knooppunten. Tussen die knooppunten lopen in twee richtingen bewegwijzerde verbindingsroutes. Op de routebordjes tussen de knooppunten staan de rijrichting en het nummer van het knooppunt waarnaar u op weg bent. Op elk knooppunt staat een informatiepaneel met knooppuntnummer en een overzicht van het fietsroutenetwerk. Naast het informatiepaneel wordt op een apart bordje aangegeven naar welk ander knooppunt u kunt fietsen.

Er zijn enkele aanpassingen aangegeven voor de auto, en op sommige punten zijn ‘uitstapjes’ of keuzemogelijkheden aangegeven. De lengte van de basisroute (enkele reis Geldermalsen – Leerdam) is ca. 21 km.

Kaart wandeling_V3_def_highres.jpg
Klik op de kaart voor een grotere weergave

Hieronder wordt de route beschreven. De route is ook als printbaar PDF bestand te downloaden.

Startpunt:

De Deilse zijde van station Geldermalsen.

  • Ga de Deilse weg in richting Deil (met de rug naar het station is dit de weg die rechtdoor gaat)
  • Bij de eerste splitsing: volg 53 rechts richting Deil/Rijndeltaroute. Vanaf hier zijn de fietsknooppunten te volgen.
  • Blijf knooppunt 53
  • Autoaanpassing I, Enspijk:

Je rijdt via de Beemdstraat Enspijk binnen. Waar de fietsers nummer 53 volgen en rechtsaf gaan, ga je met de auto rechtdoor en vervolgt de Beemdstraat. Deze gaat over in de Molenkampstraat. Vervolgens:ga linksaf de Haarstraat in. Aan het einde rechtsaf op provinciale weg N327, viaduct over de A2. Ga de eerste rechtsaf, Kerkakkerweg richting Rumpt. Bij knooppunt 51 fietsroute vervolgen, linksaf richting 97.

  • Mogelijkheid voor uitstapje naar Mariënwaerdt, alleen voor fietsers: Neem vanaf knooppunt 53 de fietspont over de Linge richting knooppunt 54 (tussen april en oktober). Volg vanaf knooppunt 54 nummer 55. Ga dezelfde route terug om de oorspronkelijke fietsroute te volgen.
  • Volg vanaf knooppunt 53 nummer 52
  • Volg vanaf knooppunt 52 nummer 51
  • Volg vanaf knooppunt 51 nummer 97
  • Autoaanpassing II, Rumpt:

Volg, net voor Rumpt, linksaf de Polderdijk. Steek de Veerweg over en ga de Achterweg in. Houd rechts aan en ga de Middenstraat in. Ga de eerste rechts, Gellicumstraat. Ga de eerste links, Dorpsdijk. Volg knooppunt 97.

  • Mogelijkheid voor uitstapje naar Beesd, auto en fiets: Volg, net voor Rumpt, linksaf de Polderdijk. Ga aan het einde rechtsaf de Veerweg op, over de brug richting Beesd.

Vanaf hier zijn er twee mogelijke routes:

Mogelijkheid I, via Rhenoy en Acquoy:

  • Ga op de provinciale weg N327 rechts, richting Rhenoy en Acquoy, 81
  • Volg vanaf knooppunt 81 nummer 82
  • Een leuke ‘sluiproute’: ga na Rhenoy, vóór knooppunt 81 de eerste mogelijkheid links, via een voetgangerstunneltje de Lingedijk op richting Acquoy. Volg de Lingedijk. Dit wordt vanzelf weer de route richting knooppunt
  • Autoaanpassing III, Acquoy:
  • Ga op de provinciale weg N327 rechts, richting Rhenoy en Acquoy, 81
  • Volg de Nieuwesteeg. Ga rechtsaf de Lingedijk op. Rechts aanhouden, Pr. Beatrixstraat. Ga rechtsaf de Achterweg op. Vervolg de Kerkweg. Aan het einde linksaf richting nummer 82.
  • Volg vanaf knooppunt 82 nummer 99

Mogelijkheid II, via Gellicum:

  • Blijf knooppunt 97 volgen
  • Volg vanaf knooppunt 97 nummer 98
  • Volg vanaf knooppunt 98 nummer 99
  • Mogelijkheid voor uitstapje naar Fort Asperen: Volg vanaf knooppunt 99 nummer 82. Ga dezelfde route terug, naar knooppunt 99, om de oorspronkelijke fietsroute te volgen.

Vanaf knooppunt 99 komen de routes weer bij elkaar.

  • Volg vanaf knooppunt 99 nummer 49
  • Volg vanaf knooppunt 49 nummer 57
  • Volg vanaf knooppunt 57 een klein stukje nummer Aan het eind van de Kerkstraat linksaf de Vlietskant in. Deze uitrijden. Rechtdoor de Spoorstraat in. Voor de spoorwegovergang links naar station Leerdam; het eindpunt van de route.
  • Autoaanpassing IV:

Ga na de brug bij het kruispunt met de stoplichten naar rechts (Meent). Meteen weer rechts (Westwal) tot op de Kerkstraat. Volg dan de fietsroute.

Overige artikelen bij het artikel over de wandeling:

Mededelingen

 

Deze teksten van de hand van Martine Eerelman-Hanselman en Arthur Eerelman-Hanselman en Helma Schouten verscheen eerder in de Mededelingen van de Historische Kring West-Betuwe. Een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam. 1884-2012, jaargang 40, jubileumnummer 2012.

Een ‘wandeling’ van Geldermalsen naar Leerdam – in 1884. Deel 1: Geldermalsen, Deil, Mariënwaard, Beest

Inleiding

In ‘Het Nieuws van den Dag’ van 14 en 21 juli 1884 staat een verslag in twee delen van een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam langs de Linge. De auteur is niet bekend; uit de tekst blijkt dat hij een schrijver is die geïnteresseerd en kritisch naar de omgeving én naar de inwoners kijkt. Hij schrijft regelmatig in deze krant over zijn wandelingen en ritten door de natuur. Eerder dat jaar, op 23 juni, wordt een verslag afgedrukt van zijn rit per rijtuig van station Geldermalsen naar Buren.

In dit artikel wordt de tekst van zijn wandeling uit de kranten van 14 en 21 juli weergegeven. In een aantal aanvullende artikelen is informatie te vinden over diverse wetens- en bezienswaardigheden langs de route. De historische foto’s geven een sfeerimpressie van de omgeving waar de wandelaar ruim 130 jaar geleden heeft gelopen. De actuele foto’s laten zien wat de fietser, wandelaar of autorijder van tegenwoordig kan zien als je door dit, nog steeds mooie, stukje Nederland gaat.

Ook hebben we op deze site een kaart en een routebeschrijving voor een fiets- en autoroute opgenomen, gebaseerd op de fietsknooppunten. Op deze manier kunt u vandaag de dag eropuit trekken en kunt u zich onderdompelen in de geschiedenis van de gemeente Geldermalsen.

Hieronder het eerste deel van het verslag van de wandeling uit 1884.

Geldermalsen, Deil, Mariënwaard, Beest

01_Geldermalsen_begin 20e c_Weg naar Deil vanaf station_RT.jpg
De onverharde weg vanaf station Geldermalsen naar Deil. Foto uit begin twintigste eeuw.
Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Als men van Utrecht af komt sporen, en men is ongeveer halfweg tusschen Kuilenburg en Geldermalsen, dan ziet men schuin voor zich uit, aan de rechterhand (indien men ten minste vooruit rijdt), het hooge geboomte dat langs de Lingeoevers prijkt, vooral het bosch van het huis “Marïënwaard”, de voormalige aanzienlijke abdij. Weldra voert de spoorwegbrug van Tricht ons over de Linge, en de reiziger kan dus uit de hoogte een blik op de rivier werpen, die wij heden gedurende een groot gedeelte van haar loop volgen zullen.

01_Geldermalsen-Tricht_1902_veerstoep met vrachtschip.jpg
De veerstoep tussen Tricht en Geldermalsen in 1902. Verzameling Marco van der Schagt.

Vooral schilders mogen niet verzuimen het tochtje dat wij thans maken eens te doen; want zij vinden hier landschappen aan de bevallige kleine rivier, die zij zonder twijfel onmiddellijk op het doek kunnen brengen, en ten slotte kunnen zij een kabinet van schilderijen bezichtigen, dat stukken bevat van eenige der beste meesters uit onze Oud-Hollandsche school. Deze kunstverzameling bevindt zich te Leerdam en is voor iedereen toegankelijk.

Het gedeelte van de Linge dat wij volgen zullen biedt ongetwijfeld de schilderachtigste plekjes aan van haren geheelen loop, ten eerste omdat de rivier hier op menige plaats met boomgewas omzoomd is, vooral met grienden; ten tweede, omdat zij sterk kronkelt en haar talrijke bochten allerlei verrassende gezichtspunten opleveren; ten derde, omdat het vee langs den oever en hier en daar een schip op het water het reeds zoo bekoorlijke landschap op de bevalligste wijze stoffeeren.

Slechts éen ding valt er bij dezen tocht langs de Linge te betreuren: dat het pad, ‘twelk wij volgen moeten, de rivier niet overal vergezelt. Soms zijn wij genoodzaakt haar te verlaten, en moeten we een zonnigen, stoffigen, vlakken landweg inslaan, die niets oplevert wat men niet overal vindt –  weilanden links en weilanden rechts, met een kerktoren hier en daar, die de dorpen verraadt van de Tielerwaard aan de eene en het land van Kuilenburg aan de andere zij. Wij raden den wandelaar dus aan, dat hij overal zooveel mogelijk den loop van de Linge en dus de dijken volgt, en ook dat hij nu en dan van den dijk afgaat en door de boschies heendringt die den oever van den weg af onzichtbaar maken; hij zal dan punten ontdekken die nog maar zelden met het oog van den kenner en minnaar van natuurschoon aanschouwd zijn – want hier in de landstreek zelf wordt de zin voor natuurschoon, zooals trouwens bij zoo vele onzer plattelanders, zoo goed als ten eenenmale gemist. Het oog is daarvoor blind; de zin voor poëzie is afwezig; en indien dat niet zoo was, dan zou het nog aan geestdrift haperen om aan de opgewekte gewaarwordingen uiting te geven.

IMG_5634
Het landschap langs de Linge. Foto: Martine Eerelman-Hanselman, 2012.

Zie ook het artikel De Linge elders op deze site.

De wandeling, die wij heden voorstellen te doen, loopt van Geldermalsen naar Leerdam. Per spoor leggen wij dien afstand in vijf en twintig minuten af te voet doen wij het thans in vier en een half uur; waarbij wij voor pleisteren echter weinig of niets in rekening brengen. Wij nemen ook niet altijd den kortsten weg, maar wel, zoo wij ons vleien, den meest schilderachtigen.

01_Geldermalsen_1880_Oude stationsgebouw_WvdB
Het oorspronkelijke station van Geldermalsen, zoals het er stond van 1867 tot 1884. Verzameling Wim van den Bosch.

 

01_Geldermalsen_1900_Station vanaf Genteldijk_WvdB
Gezicht op het in 1884 gebouwde station van Geldermalsen gezien vanaf de Genteldijk. Verzameling Wim van den Bosch.
stationgeldermalsen_metbrug_IMG_2189
Het station anno 2012. Foto: Martine Eerelman-Hanselman.

Zie ook het artikel over station Geldermalsen
en het artikel over reizen via het spoor elders op deze site.

Wanneer we het station Geldermalsen uittreden, slaan we rechtsom; en aan het eind van den stationsweg gaan we nogmaals rechtsom, de rails over, den weg op naar het dorp Deil. Ook nu houden we weer rechts, en komen tegenover de Neder-Betuwsche Beetwortel-suikerfabriek, op den grooten landweg, die ons weldra langs den oever van de Linge voert.

01_Geldermalsen_onb_Suikerfabriek CSM_RT.jpg
De suikerfabriek van CSM in Geldermalsen, jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Het dorp Deil bereiken we binnen drie kwartier, en van hier komen we in anderhalf uur aan het Rumptsche veer waar men een goede herberg vindt. Van het Rumptsche veer gaan we, met overvaart aan het Renooische veer, in anderhalf uur naar Ackooi. Van hier naar Asperen in twintig minuten en verder naar Leerdam in een half uur.

Als men te ruim negen uur per trein in Geldermalsen aankomt, kan men aan het Rumptsche veer zijn ontbijt gebruiken en in Leerdam zijn middagmaal, dat men vooruit in het hotel Boereboom bestellen kan; en om kwart over zessen kan men weer in Geldermalsen terug zijn, na een schoone natuur en het penseel van Frans Hals, Terburgh enz. bewonderd te hebben. Wat wil men meer van een uitgaansdag ten platten lande!

02_Deil_onb_Gezicht op Deil_RT.jpg
Gezicht op Deil over de Linge, jaar onbekend. Collectie Rochus Timmer, thans RAR.

Als men de eerste huizen van het dorp Deil genaderd is, krijgt men reeds terstond een proeve van de eigenaardige’ verscheidenheid van voortbrengselen op de Geldersche kleigronden. Welige graanakkers, vruchtboomgaarden, groene weiden, een rivier met allerlei houtgewas langs den oever een fabriek die aan een product van den ruwen grond zijn suiker onttrekt, een andere fabriek in de nabijheid, die denzelfden grond tot metselsteenen verhakt, dat alles ziet men in een kort bestek bij elkander. En ook de schilderachtige punten, waarvan wij spraken, vindt men hier reeds spoedig. Men behoeft slechts van den dijk een paadje af te dalen, dat men ergens aan zijn rechterhand door een peppelenbosch ziet loopen, om te zien hoe bevallig Deil zich tegen den Lingezoom aanvlijt.

02_Deil_1898_Deil Oosteneind-Lingedijk_RT.jpg
Deil ter hoogte van Oosteneind-Lingedijk in 1898 met onder andere in de verte de kerk en Huis Bouwlust. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.
Deil_metkerk_IMG_5704.JPG
Gezicht op Deil anno 2012, met op de voorgrond Huis Bouwlust en op de achtergrond de kerk. Foto: Martine: Eerelman-Hanselman.

Aan gene zijde van de rivier ziet men het dorp Tricht liggen, welks kerktoren zulk een goed effect maakt, en verder kan men, als men voor het fraaie nieuwe huis Frissehestein gekomen is een eigenaardig panorama aanschouwen op de boomrijke weide van de overzijde.

02_Deil_onb_Huize Frissche-Steijn_RT - archief heeft beter
Huize Frissestein te Deil, jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.
Frissestein_Deil_IMG_5631
Huis Frissestein, thans Gasterij De Os en het Paard, anno 2012. Foto: Arthur Eerelman-Hanselman.

Zie ook het artikel over Huize Frissestein te Deil elders op deze site.

Ook ziet de opmerkzame beschouwer nu en dan de plaats waar eertijds een kasteel gestaan heeft. Deil moet zeven zulke kasteelen gehad hebben: Bakerbosch, Ringelestein, Vogelenburg, Reinestein, Schoonestein, Palmestein en Bulkestein.

Zie ook het artikel over de verdwenen kastelen in Deil elders op deze site.

Als eenig overblijfsel is van het laatste nog slecht een poort aanwezig met het gebeitelde wapen der van Tuyls, die eertijds bezitters van Bulkestein waren en in het begin van de zeventiende eeuw als zoodanig genoemd worden.

02_Deil_1830_Tekening poort Bulkestijn_RT.jpg
Tekening van de poort van huis Bulckestein uit 1830. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Men make zich echter van zeven zulke kasteelen in een kleinen kring geen verkeerde voorstelling, en verbeelde zich niet dat daar eenmaal zeven ridders woonden, wier zonen en dochters wederzijds op elkander verliefden, terwijl de ouders overhoop lagen en elkander bestreden of een verbond aangingen met den vorst der duisternis. Want evenmin als zeven hanen komen op éen erf, konden zeven heeren op éen dorp het samen vinden; en evenmin als alle edelen ridders waren, konden al de sterke huizen, wier voormalig bestaan thans nog hier en daar aan het terrein te herkennen is, kasteelen genoemd worden in de beteekenis die wij er gewoonlijk aan hechten. Op de wandelingen die wij reeds gemaakt hebben, hadden wij ook een aantal plaatsen kunnen aanwijzen waarvan men zegt, en waaraan, men ziet: hier heeft vroeger een kasteel gestaan. Het is evenwel duidelijk dat die kasteelen tot zeer verschillende tijdperken kunnen behoord hebben, en tevens dat velen hunner niet meer geweest zijn dan sterke huizen, welke bewoond werden door menschen, die wat te verliezen hadden, en die daarom hun woning met een gracht omringden, waarover een ophaalbrug lag, en die een voorpoort had indien die gracht op eenigen afstand van het huis lag. Gedurende vele eeuwen is het hier en elders ten platten lande zeer onveilig geweest, vooral in oorlogstijd, en de dorpsbewoners hadden dan dikwijls nog het meest te lijden van het eigen krijgsvolk, dat vaak vriend en vijand over dezelfde kam schoor, als het ging vrijbuiten en moeskoppen. Nog maar 70 jaren is het geleden, dat dergelijke dingen ten onzent plaats hadden, toen de Kozakken hier rondzwierven, waarvan wij reeds gesproken hebben, en toen menigeen het een voorrecht mocht achten als hij met zijn dukaten in een eenigszins versterkt huis voor een onverhoedschen aanval min of meer beveiligd was. Eenmaal was er een tijd, dat bijna elk dorp zijn heer en zijn kasteel had, waarbij ook wel eens splitsing en samentrekking plaats greep; doch in de 15e en 16e eeuw zijn die kasteelen grootendeels verdwenen of voor het minst van velerlei beroofd, en daarna zijn zij vervangen door talrijke riddermatige huizen of ridderhofsteden, waarvan soms nog slechts een flauwe herinnering of hier en daar een poort of gracht bestaat, omdat het nageslacht hunner bezitters sedert een eeuw ongeveer op buitenplaatsen is gaan wonen. De huizen, die den naam dragen van de plaats waar zij staan, zijn klaarblijkelijk de oudste en de oorspronkelijke kasteelen, zooals het huis Zoelen, Buren en Hemert, welke wellicht hun naam gegeven hebben aan de dorpen, die er naderhand omheen gebouwd zijn. Ook vindt men op sommige plaatsen een haag of haagje en een slot, wat mede op hoogen ouderdom wijst; doch uit de uitgangen burg en stein kan men meestal geen gevolgen trekken, daar zelfs nog heden ten dage menig vreedzaam burger zijn villa Leeuwenburg of Valkenstein noemt al is die ook opgetrokken op een gedempte sloot of een drassig stuk weiland van een buitensingel.

03_Enspijk_tab13b_Molen De Vlinder
Molen de Vlinder in 1931, nadat deze wederom was afgebrand. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.
Enspijk_molen_IMG_5642
Korenmolen De Vlinder langs de Linge. Foto: Martine Eerelman-Hanselman, 2012.

Wij willen dus niet altijd even veel gewicht hechten aan de verzekeringen, dat hier en daar kasteelen gestaan hebben, want daar worden er in deze schoone en vruchtbare streken van Gelderland velen genoemd, zelfs met een Faustsage er bij, – en wij vervolgen onzen tocht. Als men van Deil uit den dijk volgt, al is dit ook geen openbare weg, die voor het huis de Noorderhoek tusschen een lange rij vruchtboomen heenloopt, dan blijft men in de nabijheid van de Linge en komt na twintig minuten aan een korenmolen dien men, als men haast heeft, ook in veel korteren tijd langs den algemeenen weg, welke bij de kerk links afbuigt, bereiken kan.

Deil_Noordenhoek_IMG_5710.JPG
Huis Noorderhoek te Deil. Foto: Martine Eerelman-Hanselman.

Een bezoek aan de schilderachtige omgeving van den Deilschen molen, die op een eilandje nabij de Linge ligt, mag men niet verzuimen. Als men hem even voorbij is, doet zich van den dijk af een ongemeen fraai landschap voor: een gezicht op Beest. Recht voor zich uit, terwijl het oog den loop der rivier volgen kan, ziet men de beide kerktorens, de eene breed en stomp, de ander rank en spits, in elkanders nabijheid boven het groene griendhout uit zich plotseling vertoonen.

Beesd_2torens_IMG_5652
De twee kerktorens van Beesd, gezien vanaf de overzijde van de Linge. Foto: Arthur Eerelman-Hanselman.

Zie ook het artikel Breed en stomp – rank en spits, kerken in Beesd

Onmiddellijk aan de overzij van de Linge prijken de forsche eiken en beuken van het bosch van Mariënwaard, en links in de verte bespeurt men den hoogen toren van Bommel, als een eenzame wachter op de grens van een uitgestrekte groene vlakte. Belangrijke geschiedkundige herinneringen zijn verbonden aan het oord waar wij ons thans bevinden. Aan den overkant der rivier lag eenmaal het zeer vermaarde klooster, de abdij van Mariënwaard. Ten jare 1128 was zij gesticht door Herman Graaf van Cuyk, om den dood te zoenen van Graaf Floris I van Holland, die door Cuyk’s vader bij Neder-Hemert verraderlijk gedood was. Sedert verwierf de abdij, die door Premonstratenser monniken bewoond werd, zeer uitgebreide goederen, want zij bezat eenmaal achttienhonderd bunders land en buitendien nog allerlei tienden, tijnsen, bouwhoeven en renten. Haar abten stonden op kerkelijk en wereldlijk gebied in hoog aanzien en behoefden niet onder te doen voor de aanzienlijkste vrijheeren. Dat zulk een voorname stichting in de middeleeuwen ook een politieke rol vervulde, is licht te begrijpen, en die bemoeienis van de geestelijken met de staatkunde had dan ook, na een langen tijd van glorie, hun ondergang ten gevolge. Wij hebben reeds vermeld, dat de Bisschop van Utrecht zich in het begin van de 15de eeuw met Buren tegen Gelderland verbond en na den mislukten aanslag op Tiel een aantal kasteelen en kloosters verwoestte. Ook Mariënwaard moest het toen misgelden; het werd althans gedeeltelijk verbrand, en negen monniken werden in gevangenschap mede naar Utrecht genomen. Na het betalen van een hoog losgeld werden zij weder vrij gelaten. Zeventig jaar later werd het klooster prijs gegeven aan de woeste benden van Hertog Albrecht van Saksen; daarna kwam het onder voogdij van den heerschzuchtigen Karel van Gelder, en eindelijk bezweek het voor goed bij den staatkundigen en godsdienstigen ommekeer, die een gevolg was van de hervorming en van den opstand tegen Spanje.

Tegenwoordig staat op de plaats van de abdij, te midden van een bosch, het landhuis van de familie van Bylant, die een zeer groot gedeelte van de voormalige kloostergoederen tot haar bezittingen rekent.

Bij het vervolgen van onze wandeling blijven we den dijk houden, en laten we het dorp Enspik links liggen, zoodat het eerste dorp waar we aankomen Rumpt is, alwaar we aan bet veer een geschikt rustpunt vinden.

04_Beesd_onb_Voetveer Linge_RT
Het voetveer bij Beesd, jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Zie ook het artikel varen met veren elders op deze site.

Aangezien de Linge hier een sterke kromming maakt, kan men in, ongeveer denzelfden tijd hetzelfde doel bereiken door tweemaal over te varen, eerst aan het voetveer, waar het dorp Beest begint, en dan aan het Rumptsche veer, waar het dorp Beest eindigt.

04_Beesd_onb_Haven met schepen_RT-VERVANGEN.jpg
De haven bij Beesd, omstreeks 1910. Verzameling Paul van Mook.

Beest is een net dorp, stadsgewijze gebouwd, met een zeer lange hoofdstraat, die met een eindelooze dubbele rij lindeboomen beplant is. Hier en daar vindt men er lieve kijkjes op de Linge, en men heeft er een aangename wandeling rondom het bosch van Mariënwaard. Eenmaal had Beest ook zijn kasteelen; het Hooge Huis en het Slot zijn als zoodanig nog zeer goed te herkennen aan de hooge ligging van het terrein, en het huis Wolfswaard, dat langs wil den weg naar Mariënwaard lag, heeft nog in deze eeuw bestaan. Het dorp heeft een zeer breed aangelegden Gothischen kerktoren, die klaarblijkelijk onvoltooid gebleven is. Het is te begrijpen, dat men aan de naburige rijke abdij het bouwen van zulk een toren te danken heeft en tevens dat de bouw – die, zooals uit den stijl valt op te maken, waarschijnlijk in de 14de eeuw begonnen werd – gestaakt zal zijn in de woelige jaren van de 15de eeuw, toen Mariënwaard, omstreeks 1430 zijn glans en gezag begon te verliezen. De kerk werd in 1895 afgebroken en herbouwd en ziet er bijzonder smakeloos uit, tot groote ergernis van den ouden toren natuurlijk, die alweder als getuige kan optreden om te verklaren, dat men in de barbaarsche middeleeuwen veel meer zin voor bouwkunst had dan honderden jaren later. De kortelings voltooide Katholieke kerk van Beest maakt daarom een dubbel goed figuur; zij toont met vele harer zusteren aan, dat er althans in ons land kringen zijn, waarin de zin voor schoone bouwkunst weder begint te herleven.

04_Beesd_onb_RK kerk vanaf Linge_RT.jpg
De rooms-katholieke kerk van Beesd, vanaf de Linge bezien. Jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Het station Beest – dat natuurlijk aanleiding geeft tot dezelfde woordspelingen als het station Dieren – ligt bijna een half uur van bet dorp verwijderd; doch gelukkig maakt een omnibus die op alle treinen rijdt, den overtocht gemakkelijk.

04_Beesd_onb_Station met koets_RT.jpg
Het treinstation van Beesd met daarvoor een omnibus. Jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

Wie van elders komt en niet wil wandelen en op zijn gemak een mooi stukje natuur zien, raden wij aan zich door dien omnibus bij het Rumptsche veer te laten afzetten, dan bij den veerman een poging te doen om een boot te verkrijgen, en de Linge op te varen tot den reeds genoemden Deilschen molen. Ook naar de andere zijde heen is voor een schetsboek menig dankbaar punt te vinden.

Het zal ons dus niet verwonderen, indien wij eerlang op onze schilderij-tentoonstellingen stukken aantreffen, die gezichten op de Beneden-Linge voorstellen.

Rumpt_Boutsetijnsewetering_IMG_5713
De onverharde weg vanaf station Geldermalsen naar Deil. Foto uit begin twintigste eeuw. Verzameling Rochus Timmer.
05_Rumpt_onb_Boutensteinse wetering_RT
De onverharde weg vanaf station Geldermalsen naar Deil. Foto uit begin twintigste eeuw. Verzameling Rochus Timmer, thans RAR.

 Mededelingen

Deze tekst van de hand van Martine Eerelman-Hanselman en Arthur Eerelman-Hanselman en Helma Schouten verscheen eerder in de Mededelingen van de Historische Kring West-Betuwe. Een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam. 1884-2012, jaargang 40, jubileumnummer 2012.

 

 

 

Het Nieuws van den Dag en vele andere kranten zijn gedigitaliseerd en te vinden op de website www.delpher.nl.

Overige artikelen bij het artikel over de wandeling:

 

 

 

 

 

 

Varen met veren

In 1884 maakte een journalist een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam. Zijn verslag is binnenkort op deze site te vinden.

Over de Linge waren in de tijd van de wandeling minder bruggen dan nu, maar er waren wel diverse voetveren, onder andere bij Tricht, Deil, Enspijk, Beesd, Rumpt en Rhenoy. De schrijver van de wandeling raadt ook aan om tweemaal het veer te nemen, om de kromming van de Linge af te snijden. In die tijd was het veer meestal een eenvoudige roeiboot. Vaak stond aan beide kanten een veerhuis. Daar konden reizigers even wachten, vaak met een drankje erbij. Daarom zijn er nu nog regelmatig horecagelegenheden in voormalige veerhuizen. Tegenwoordig is er in het seizoen, tussen april en oktober, nog een voet- en fietsveer actief tussen Enspijk en Mariënwaerdt.

04_Beesd_onb_Voetveer Linge_RT.jpg
Het veer bij Beesd. Jaar onbekend. Verzameling Rochus Timmer.

In veel dorpen langs de Linge zijn nog verwijzingen naar de veren, bijvoorbeeld in de straatnamen (Achter ‘t Veer). Ook bestaat het veerhuis in diverse plaatsen vaak nog.

Rhenoy_Linge_RS.jpg
Het Rhenoyse veer rond 1920. Verzameling Rutger Stappershoef.
Rhenoy_veer_HS_SDC13165.JPG
De huidige aanblik van de lek van het voormalige Rhenoyse veer. Foto: Helma Schouten, 2012.

Deze tekst van de hand van Martine Eerelman-Hanselman en Arthur Eerelman-Hanselman verscheen eerder in de Mededelingen van de Historische Kring West-Betuwe. Een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam. 1884-2012, jaargang 40, jubileumnummer 2012.

Breed en stomp – rank en spits, kerken in Beesd

 

Het landschap is vaak zo open dat je aan de kerktorens kunt zien dat er weer een dorp in aantocht is. Een journalist die in 1884 een wandeling maakte van Geldermalsen naar Leerdam, schrijft in zijn verslag (binnenkort op deze site te lezen), heeft het over een fraai vergezicht over de Linge richting Beesd, met “de beide kerktorens, de eene breed en stomp, de ander rank en spits.” De brede stompe toren is van de St. Pieterskerk of Petruskerk in Beesd; een Nederlands-hervormde kerk met inderdaad een opvallende toren. Deze toren is in verschillende perioden gebouwd. De onderbouw van de toren dateert van omstreeks 1500, de tweede geleding is waarschijnlijk uit het midden van de zestiende eeuw. Er is een start gemaakt voor een derde geleding met een achtkantige aanzet (de lantaarn), maar de toren bleef uiteindelijk onvoltooid.

Beesd_2torens_IMG_5652.JPG
De twee kerktorens van Beesd, gezien vanaf de andere zijde van de Linge. Foto: Arthur Eerelman-Hanselman, 2012.

De toren werd als vluchtplaats gebruikt wanneer de rivier de Linge buiten haar oevers trad. In de negentiende eeuw, toen de Betuwe om de haverklap werd getroffen door overstromingen, werd hiervoor in de kerk een speciale ‘waterzolder’ aangelegd.

Het kerkgebouw kwam omstreeks 1825 tot stand door ingrijpende verbouwingen van een middeleeuwse kerk. In de muren zijn restanten van de oude kerk opgenomen. Bij opgravingen tijdens de restauratie in 2000 werd duidelijk dat er al in de twaalfde eeuw een kleine kerk op deze plek heeft gestaan. De kerk is nu in gebruik bij de Protestantse Gemeente Beesd. Zowel de toren als de kerk hebben de status van rijksmonument.

Deze tekst van de hand van Martine Eerelman-Hanselman en Arthur Eerelman-Hanselman verscheen eerder in de Mededelingen van de Historische Kring West-Betuwe. Een wandeling van Geldermalsen naar Leerdam. 1884-2012, jaargang 40, jubileumnummer 2012.